Hoe worden de tarieven voor de wijkverpleging jaarlijks geïndexeerd, aangezien de beleidsregel voor 2020 eerder bekend is dan de definitieve indexcijfers?

De NZa stelt op grond van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) prestaties met bijbehorende tarieven vast; zo ook in de wijkverpleging. Jaarlijks worden de door de NZa vastgestelde tarieven geïndexeerd. Doel van het indexeren van de tarieven is zorgaanbieders te corrigeren voor de te verwachte inflatie. Daarbij is onderscheid te maken tussen de indexatie van de personeelskosten en de materiële kosten. De indexering van de personele kosten gebeurt op basis van een percentage dat de overheid vaststelt: de Overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling (OVA). De indexering van de materiële kosten gebeurt op basis van het  prijsindexcijfer particuliere consumptie uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het Centraal Planbureau.

Omdat bij de vaststelling van de tarieven voor het jaar t het definitieve indexatiepercentage nog niet bekend is, wordt gewerkt met een voorlopig indexatiepercentage jaar t dat in het voorjaar van jaar t-1 (eind maart/begin april) bekend wordt gemaakt door het Ministerie van VWS. Het verschil tussen de voorlopige index en de definitieve index jaar t, die een jaar later wordt vastgesteld, wordt de ‘inhaal’ genoemd. De inhaal van het jaar t wordt meegenomen in het structurele tarief voor het jaar t+1.

Op grond van de beleidsregel vindt jaarlijks een trendmatige aanpassing van het tarief plaats. Afhankelijk van de verhouding tussen loon en materieel wordt er een gewogen indexatiepercentage berekend op basis van OVA en CEP die vervolgens verwerkt wordt in de hoogte van de tarieven. Voor de Wijkverpleging is op basis van het  kostenonderzoek in 2017 over boekjaar 2016 bepaald dat deze verhouding tussen personeelskosten en materiële kosten 90/10 is. Hiermee rekening houdend zijn de volgende gewogen indexatiepercentages te berekenen over 2017-2021. Het bovenste deel van de tabel laat de berekening van de gemiddelde indexatiepercentages zien. Het onderste deel van de tabel bevat informatie over het voorlopige en definitieve percentage dat voor de tariefberekening van in het tariefjaar is gebruikt. Ter illustratie, het voorlopige indexatiepercentage voor 2019 is 3,91% op basis van de voorlopige cijfers van OVA en CEP. In de indexering naar 2020 is het voorlopige indexatiepercentage voor 2019 definitief aangepast in 3,32%.