De kerncijfers beschrijven trends tussen 2019 en 2024. 2025 is nog geen afgerond declaratiejaar en is daarom als jaartal niet opgenomen in de cijfers.
- De uitgaven aan geestelijke gezondheidszorg stijgen in 2024 met 10,6% naar 5,8 miljard euro. Dit maakt dat de uitgaven aan ggz op het hoogste niveau ooit liggen. De stijgende uitgaven vallen grotendeels te verklaren door prijsindexatie en een toegenomen aantal behandelde patiënten.
- Ook het aantal patiënten* dat is behandeld in de ggz ligt op het hoogste niveau ooit. In 2024 hebben 1,54 miljoen burgers geestelijke gezondheidszorg ontvangen. De inzet van poh-ggz groeit vooral bij 65+ patiënten.
- Het aantal instellingen dat ggz levert is afgelopen jaren gegroeid. Het aantal vrijgevestigden die actief zijn in de ggz is afgelopen jaar gedaald. Voor aanbieders poh-ggz blijft het aantal aanbieders stabiel. **
* Het aantal patiënten is bepaald door het tellen van unieke personen die gedurende elk kalenderjaar zorg hebben ontvangen binnen de poh-ggz en/of de reguliere Zvw-ggz. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van Vektis declaratie gegevens. Patiënten die in beide zorgvormen behandeld zijn, worden per kalenderjaar slechts één keer meegeteld. Voor ggz-patiënten vanaf 1 januari 2022 en voor poh-ggz patiënten is de begindatum van de prestatie gebruikt om te bepalen in welk jaar de zorg heeft plaatsgevonden. Voor ggz-patiënten van vóór 1 januari 2022 is hierbij zowel de begindatum als de einddatum van de DBC gebruikt. De leeftijd van de patiënt is vastgesteld op basis van de peildatum 1 juli van het betreffende jaar. Voor patiënten jonger dan 18 jaar zijn uitsluitend gegevens beschikbaar van zorg geleverd door de poh-ggz
** Het aantal instellingen en vrijgevestigden wordt bepaald op basis van het aantal zorgverleners dat zorg verleent onder dezelfde AGB-code. Als er meer dan 10 zorgverleners zijn onder dezelfde AGB-code, wordt de aanbieder geteld als een instelling. Als er 10 zorgverleners of minder zijn, wordt de aanbieder geteld als een vrijgevestigde. Daarnaast geldt een omzetgrens: een aanbieder moet een minimale omzet per jaar behalen om meegeteld te worden in de telling.
Totale kosten
In miljoenen euro's
Er is een forse daling te zien voor het jaar 2021, dit heeft te maken met het afsluiten van de dbc’s als gevolg van de introductie van het zorgprestatiemodel. De bestaande manier van declareren hield op per 31 december 2021. De daling in kosten is niet gerelateerd aan minder geleverde zorg, maar is administratief. Dit fenomeen is ook terug te zien bij de onderstaande tabel over de groei van de kosten.
De oplettende lezer kan een verschil in kosten voor praktijkondersteuning huisarts (poh) ontdekken tussen de kerncijfers van de huisartsenzorg en de ggz. Dit verschil is louter gevolg van de beslissing om een bepaalde kostencluster (horend bij module 3) wel/niet mee te nemen bij het berekenen van de totale kosten.
jaartal generalistische basis ggz gespecialiseerde ggz langdurige ggz prestaties zpm praktijkondersteuner huisarts ggz totaal 2019 264 3590 155,6 NA 206 4215,6 2020 279,6 3826,8 155,7 NA 249,3 4511,4 2021 231,6 2491,5 138,8 NA 265,2 3127,2 2022 NA NA NA 4497 278,1 4775,2 2023 NA NA NA 4966,4 303,4 5269,8 2024 NA NA NA 5467,3 361,2 5828,5
Groei totale kosten
In procenten
| Omschrijving | 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 |
|---|---|---|---|---|---|
| Groei (procent) | 7 | -30,7 | 52,7 | 10,4 | 10,6 |
Totale kosten binnen het zorgprestatiemodel, per prestatiecategorie
(x 1.000.000 euro)
In bovenstaande tabel zijn alle kosten die per jaar gemaakt zijn binnen het Zorgprestatiemodel onderverdeeld in drie categoriën: consulten, verblijf en overige prestaties. Alle prestatiecodes die beginnen met CO (consult), GC (groepsconsult), TC (toeslag consult) en TG (toeslag groepsconsult) vallen onder de eerste categorie. Onder verblijf vallen alle prestatiecodes die beginnen met VD (verblijf) en TV (toeslag verblijf). Alle prestatiecodes die beginnen met OV (overig) vallen onder de categorie overige prestaties.
jaartal consulten ggz intramuraal verblijf ggz overige prestaties ggz totaal 2022 3315,2 1081,3 100,5 4497 2023 3696,2 1153,3 116,9 4966,4 2024 4106,4 1234,8 126,1 5467,3
Aantal patiënten ggz in de Zvw
Bijgaande getallen hebben betrekking op het aantal patiënten dat in jaar t enige vorm van Zvw-ggz ontvangen (voor zover deze ggz onder de prestaties valt die zijn meegenomen in de tabel).
jaartal ggz 18-65 ggz 65+ poh 0-18 poh 18-65 poh 65+ totaal 0-18 totaal 18-65 totaal 65+ totaal 2019 846148 103363 38510 500715 83981 38510 1211771 176300 1426581 2020 840473 99996 37729 485815 86342 37729 1189909 174910 1402548 2021 837450 97934 42524 516019 85758 42524 1213751 172632 1428907 2022 811135 93044 44476 553642 94179 44476 1217385 175665 1437526 2023 855611 96511 43434 570521 99969 43434 1270887 184299 1498620 2024 880856 97836 41726 594842 107728 41726 1310087 192475 1544288
Aantal patiënten in de Zvw-ggz naar leeftijd
jaartal totaal 0-18 totaal 18-65 totaal 65+ 2019 38510 1211771 176300 2020 37729 1189909 174910 2021 42524 1213751 172632 2022 44476 1217385 175665 2023 43434 1270887 184299 2024 41726 1310087 192475
Aantal zorgaanbieders
*Instellingen met een omzet onder de € 250.000 per jaar en vrijgevestigden met een omzet onder de €30.000 per jaar zijn niet meegenomen.
Jaartal Instelling Vrijgevestigd 2019 328 2471 2020 330 2392 2021 330 2008 2022 356 3099 2023 398 3101 2024 429 2788