Hoe kan stoppen-met-rokenzorg gedeclareerd worden voor patiënten die ketenzorg ontvangen?

Stoppen-met-rokenzorg kan gedeclareerd worden via de ketenzorg bekostiging (DM type 2/VRM, COPD/Astma). Het is ook toegestaan om andere afspraken te maken en deze zorg te declareren via de stoppen-met-rokenprestaties of dbc-zorgproducten.

Ketenzorg is ‘een vorm van zorg die, toegesneden op de behoefte van de patiënt, wordt verleend op basis van afspraken over samenwerking, afstemming en regie tussen alle zorgverleners, gedurende het hele traject van preventie, diagnose, behandeling en (na)zorg. Er is sprake van een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid met expliciete deelverantwoordelijkheden.’

Binnen de ketenzorg bestaat de leefstijlmodule met stoppen-met-rokenzorg. Deze leefstijlzorg valt binnen de bekostiging voor ketenzorg.

De huisarts biedt samen met de praktijkondersteuner (POH) de patiënt de begeleiding binnen de module aan. De begeleiding is gebaseerd op de NHG-standaard “Stoppen met roken”. De huisarts en de praktijkondersteuner volgen de minimale interventie strategie, de H-MIS (zie handleiding van Stivoro: “Minimale Interventie Strategie stoppen met roken voor de Huisartsenpraktijk”). Bij ieder consult komt het rookgedrag ter sprake en geeft de huisarts of POH een algemeen stoppen met roken advies. Afhankelijk van de wil tot stoppen zal er gekozen worden voor een korte motivatie verhogende interventie (1 consult bij de POH) of een intensieve ondersteunende interventie (4 consulten bij de POH met 3 telefonische contacten). De huisarts biedt aanvullend de mogelijkheid om de patiënt medicamenteus te begeleiden binnen de intensieve ondersteunende interventie. De huisarts zal in een medicatieconsult uitleg geven en een recept meegeven. De POH doet vervolgens in het traject van de interventie navraag naar de werking en bijwerkingen.