Er moet voldaan worden aan alle eisen van Setting ambulant - kwaliteitsstatuut sectie III – monodisciplinair zoals beschreven staat in het Landelijk kwaliteitsstatuut GGZ (LKS). Daarnaast zijn onderstaande criteria van toepassing.

Voor de behandeling van de patiënt is de inzet van verschillende beroepen noodzakelijk. Bij de behandeling van een patiënt (los van de diagnostiek fase) zijn daarom vanwege hun eigen expertise meerdere beroepen betrokken.

Buiten de regiebehandelaar hebben dus minstens twee zorgverleners met verschillende beroepen tijdens de behandelfase contact met de patiënt. Het beroep van de regiebehandelaar blijft hierbij buiten beschouwing. De regiebehandelaar telt dus niet als één van de minstens twee vereiste zorgverleners met verschillende beroepen. De verschillende beroepen kunnen elkaar niet vervangen en tijd kan niet onderling uitbesteed of verdeeld worden. Het kan wel voorkomen dat één van deze twee zorgverleners met verschillende beroepen tijdens de behandelfase hetzelfde beroep heeft als de regiebehandelaar. Als één van de twee zorgverleners met verschillende beroepen tijdens de behandelfase de regiebehandelaar is, dan is de setting monodisciplinair. In de multidisciplinaire samenwerking gaat het niet om tijdelijk overnemen van de behandeling of vervangen van de behandelaar.

Het multidisciplinaire karakter van de zorg komt tot uitdrukking in het kwaliteitsstatuut, de toegepaste zorgstandaarden, behandelprogramma’s en/of andere documentatie. De noodzaak van de inzet van de verschillende beroepen blijkt uit het dossier van de patiënt. Uitvoerende onderdelen van het behandelplan worden door verschillende beroepen gegeven. Afstemming tussen beroepen over de voortgang van de behandeling is verplicht en is structureel ingebed.

Voor vragen over het LKS, kunt u terecht bij uw beroeps- of branchevereniging.