De eerstelijnszorg met onder andere huisartsen, wijkverpleegkundigen en apothekers beantwoordt het grootste deel van alle zorgvragen en is een essentieel onderdeel van de gezondheidszorg. Goede samenwerking, organisatie en afstemming tussen zorgverleners in de wijk, regio en op landelijk niveau zijn cruciaal om deze zorg toegankelijk en betaalbaar te houden. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) ondersteunt deze beweging en kiest bewust voor passende bekostiging die samenwerking tussen sectoren en domeinen in de eerste lijn versterkt.

Beeld: © ISK

Ruimte voor maatwerk

Om die reden stelt de NZa een experimentbekostiging vast voor regionale samenwerkingsverbanden en hechte wijkverbanden. Dit biedt ruimte voor regionale verschillen en maatwerk in de organisatie van zorg. Dat zijn taken die nodig zijn om de eerstelijn goed te laten functioneren, maar die niet aan één individuele patiënt zijn toe te rekenen. Het gevolg hiervan is dat de bekostiging niet direct gekoppeld is aan de individuele patiënt, wat wel gebruikelijk is binnen de Zorgverzekeringswet. Ook initiatieven zoals verloskundige samenwerkingsverbanden en het platform Thuisarts.nl hebben baat bij een vergelijkbare vorm van alternatieve bekostiging. Zij verbeteren de zorg voor groepen patiënten en zijn alleen mogelijk met een bekostiging zonder de directe koppeling aan patiënten. Dat blijkt uit de uitvoeringsadviezen die we opstelden op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Vervolg

De NZa zet zich in voor de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg. Dat doen we, onder andere, door de ontwikkeling van de bekostiging. Met deze stap geven we daarnaast invulling aan afspraken uit het Integraal Zorgakkoord, Aanvullend Zorg- en Welzijnakkoord en de Visie Eerstelijnszorg. De aankomende periode volgen we samen met betrokken (overheids)partijen of de koers voor regionale samenwerking uit de Visie Eerstelijnszorg in de praktijk werkt en in hoeverre de experimentbekostiging doet wat we beogen. Daarbij brengen we ook in kaart welke uitvoeringsvraagstukken zich in het stelsel mogelijk voordoen. Tegelijkertijd werken we met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, het Zorginstituut Nederland en Zorgverzekeraars Nederland aan aanpassingen in regelgeving en beleid die nodig zijn om dit soort samenwerkingsverbanden blijven te ondersteunen.