NZa adviseert over het bekostigen van de spreiding van patiënten

Tijdens de coronapandemie was het gelijk spreiden van patiënten over ziekenhuizen cruciaal om de zorg zo goed mogelijk toegankelijk te kunnen houden. De organisaties die de spreiding coördineerden en inzicht boden in capaciteit werden gefinancierd via tijdelijke coronaregelingen. Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) onderzocht hoe de financiering meer structureel kan worden vormgegeven. De NZa adviseert om voorlopig gebruik te maken van een beschikbaarheidbijdrage.

Beeld: ©ISK

Er zijn in Nederland verschillende organisaties die verantwoordelijk zijn voor zorgcoördinatie, inzicht bieden in beschikbare zorgcapaciteit en het spreiden van patiënten die acute zorg nodig hebben. Het Landelijk Coördinatiecentrum patiëntenspreiding (LCPS) is verantwoordelijk voor de spreiding van patiënten op landelijk niveau. De Regionale Coördinatiecentra Patiënten Spreiding (RCPS-en) doen dit op regionaal niveau. Het Landelijk Platform Zorgcoördinatie (LPZ) is het ICT-systeem dat gebruikt wordt door het LCPS en RCPS om inzicht te krijgen in de beschikbare capaciteit van ziekenhuizen in Nederland. De minister van VWS vindt het wenselijk dat deze taken en functies behouden worden en uitgebreid, en heeft over de bekostiging advies gevraagd aan de NZa.

Tijdelijk advies

De NZa adviseert om voor de financiering van de huidige taken en functies van het LCPS, de RCPS’en en het LPZ gebruik te maken van een beschikbaarheidsbijdrage omdat deze bekostiging goed aansluit op de huidige vorm van financiering. We adviseren een beschikbaarheidsbijdrage in ieder geval totdat zorgcoördinatie structureler wordt ingericht in een landelijk coördinatiecentrum. Omdat het verloop van de coronapandemie nog onzeker is, wordt op deze manier de patiëntenspreiding in ieder geval in tijden van crisis gewaarborgd. We adviseren deze bekostiging over 2 jaar te evalueren.

Opdracht aan partijen

Gelijktijdig met het verzoek aan de NZa heeft de minister van VWS ook Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ), Ambulancezorg Nederland (AZN), ActiZ, InEen en Zorgverzekeraars Nederland gevraagd de mogelijkheden voor een landelijk dekkende zorgcoördinatie uit te werken. Wij vinden dit een goede ontwikkeling die aansluit op ons advies passende acute zorg. Om deze uitwerking niet in de weg te staan hebben wij ons beperkt tot een tijdelijk advies.  

Graag benadrukken we dat voor het ontwikkelen van een structurele bekostiging de rollen en verantwoordelijkheden van partijen, zoals het LCPS, het LNAZ, de ROAZ’en, GGD Ghor en zorgverzekeraars en zorgkantoren, helder moeten worden gedefinieerd. Ook is een perspectief nodig dat zich richt op de ziekenhuiszorg en op andere sectoren in de keten om de druk op de zorg ook in de toekomst gelijkwaardig te kunnen verdelen. Hierbij is het belangrijk te bepalen welke andere situaties naast de coronapandemie vragen om extra zorgcoördinatie en wie dan welke rol pakt. Hierbij adviseren wij te bepalen wie wanneer doorzettingsmacht heeft.