NZa doet aanbevelingen voor scheiden van wonen en zorg

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft een verkennend onderzoek uitgevoerd naar de ontwikkelingen met het volledig pakket thuis (vpt) in de sector verpleging en verzorging (V&V). Aanleiding is het groeiend aantal cliënten dat met het vpt thuis zorg ontvangt, waardoor meer inzicht nodig is in de verschillende vormen waarin het vpt in de langdurige zorg voorkomt. Omdat het stapsgewijs scheiden van wonen en zorg is opgenomen in het regeerakkoord 2021-2025, doet de NZa ook aanbevelingen. We vragen de politiek om keuzes te maken, bijvoorbeeld ten aanzien van de aanspraak op zorg.

Beeld: ©SSK

Het vpt is een alternatief voor de zorg met verblijf in een instelling. Het is bedoeld om scheiden van wonen en zorg te stimuleren en de diversiteit in woonvormen, en daarmee de keuzemogelijkheden voor cliënten, te vergroten.

Ontwikkelingen vpt

Uit onze verkenning blijkt dat steeds meer cliënten gebruik maken van het vpt: een meer dan verdrievoudiging sinds 2015. Het vpt komt voor in veel verschillende vormen: er is een grote diversiteit in de inhoud en de organisatie van de zorg, en in de woonvormen waarin het vpt geleverd wordt. De woonvormen variëren van de thuissituatie, tot kleine beschermde woonvormen, of wooneenheden op de locatie van het verpleeghuis. De ontwikkeling van nieuwe woonvormen wordt opgepakt door zowel zorgaanbieders als door andere partijen zoals woningcorporaties. Zorgkantoren maken de verschuiving naar meer extramurale zorg in hun inkoopbeleid, om mogelijk te maken dat cliënten langer thuis kunnen blijven wonen. 

We zien echter dat de grote diversiteit in het aanbod niet in alle gevallen tot meer keuzemogelijkheden voor cliënten heeft geleid. Dit komt doordat de afstemming tussen vraag en aanbod op de wooncomponent niet is geborgd vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). Daardoor kunnen onbedoeld situaties van willekeur of ongelijkheid ontstaan, voor cliënten, maar ook voor zorgaanbieders en zorgkantoren.

Aanbevelingen scheiden wonen en zorg

We adviseren om helder te zijn over de doelen die met scheiden van wonen en zorg beoogd worden, zodat hierop gestuurd kan worden en gemonitord kan worden of deze doelen behaald worden. De doelstellingen zullen ook bepalen welke aanpassingen in de aanspraak en de bekostiging van de zorg nodig zijn. Ook geven we aan dat wetswijzigingen nodig zijn om de mogelijkheden te versterken om via de zorginkoop te sturen op extramurale leveringsvormen.

We zien dat de toegankelijkheid van het wonen een risico kan vormen voor de toegankelijkheid van zorg. Meer regie vanuit het woondomein (het Rijk, gemeenten en woningcorporaties) is daarom nodig. Daarnaast is het belangrijk om over de domeinen heen te kijken hoe de zorg thuis voor de maatschappij betaalbaar en organiseerbaar kan worden gehouden.

We adviseren de kwaliteit van zorg in de thuissituatie te betrekken bij de herinterpretatie van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Tot slot geven we aan dat meer ingezet kan worden op passende zorg door te kijken hoe de regelgeving voor het verlenen van de zorg thuis vanuit de verschillende domeinen, de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Wlz, beter op elkaar kan worden aangesloten.

Politieke keuzes nodig

De inzichten uit deze verkenning zijn goed bruikbaar voor de verdere beleidsontwikkeling bij het scheiden van wonen en zorg. We benadrukken dat duidelijke politieke keuzes nodig zijn, bijvoorbeeld ten aanzien van de aanspraak op zorg. De NZa kan de politiek faciliteren bij het maken van keuzes, door inzichten te verschaffen op basis van data-analyse en kwalitatief onderzoek, en vervolgadvies uit te brengen. Dat geldt ook voor de onderwerpen in het regeerakkoord die een logische samenhang kennen met scheiden van wonen en zorg. Zoals de overheveling van behandeling naar de Zvw en het bereiken van meerjarige financiële zekerheid om investeringen te kunnen doen die bijdragen aan een toekomstbestendige langdurige zorg voor ouderen.