Print

Veelgestelde vragen

Hier vindt u veelgestelde vragen over de bekostiging van medische vervolgopleidingen via beschikbaarheidbijdragen.

  • Waar moet ik als zorgaanbieder aan voldoen voordat ik een aanvraag kan indienen bij de NZa?

    Voordat u bij de NZa een aanvraag kunt doen, moet u een aantal dingen geregeld hebben:

    1. U moet door de registratiecommissie erkend zijn om een medische vervolgopleiding te verzorgen.
    2. U moet in het verdeelplan opleidingsplaatsen hebben toegewezen gekregen en/of
    3. U moet opgenomen zijn in het doorstroombestand van de registratiecommissie.

    Voor ziekenhuisopleidingen gelden andere criteria:

    1. U moet erkend zijn om een ziekenhuisopleiding te verzorgen.
    2. U moet opgenomen zijn in de opleidingsopgave van het CZO. U moet zich hiervoor melden bij het CZO.

    Sluiten
  • Wanneer kunt u een beschikbaarheidbijdrage aanvragen voor 2018?

    Er zijn bij de beschikbaarheidbijdrage twee aanvraagmomenten, één voor de verlening en één voor de vaststelling.

    U moet vóór 1 oktober 2017 een aanvraag tot verlening indienen bij de NZa. De aanvraag geldt voor zowel instroom- als doorstroom opleidingsplaatsen. Ook de beschikbaarheidbijdrage voor ziekenhuisopleidingen kunt met hetzelfde aanvraagformulier bij de NZa aanvragen.

    Na afloop van het subsidiejaar vraagt u de beschikbaarheidbijdrage definitief aan bij de NZa. Vóór1 juni 2019 dient u een aanvraag tot vaststelling in. In sommige gevallen moet u met  een accountantsverklaring aantonen dat de aangevraagde plaatsen en/of FTE's zijn gerealiseerd.

    Sluiten
  • Wanneer is een opleideling een instromer of doorstromer?

    Een opleideling is een instromer in het kalenderjaar waarin de opleideling met zijn of haar (voor)opleiding start. Een opleideling die in 2016 start is in het kalenderjaar 2016 een instromer. Na het instroomjaar is de opleideling een doorstromer.

    Bijvoorbeeld: Als een opleideling start met een opleiding tot GZ-psycholoog in december 2016, dan is deze een instromer gedurende het jaar 2016. In januari 2017 is dezelfde opleideling een doorstromer. Omdat de opleiding ook in 2018 nog doorloopt, is deze persoon in 2018 ook een doorstromer.

    Sluiten
  • Mag een opleideling wisselen van opleidende zorgaanbieder?

    Medische vervolgopleidingen
    Instroom
    Tijdens een instroomjaar van een (medische) vervolgopleiding kan de opleideling niet wisselen van opleider, tenzij sprake is van opleidingen met een vooropleiding of een opleiding radiotherapie of nucleaire geneeskunde. Daarnaast zijn er nog een aantal uitzonderlijke situaties, die u kunt terugvinden in artikel 8 van de beleidsregel 'Beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen' (BR/REG-17185). Andere redenen om te wisselen tijdens een instroomplaats zijn niet toegestaan. Een opleideling kan tijdens het instroomjaar dus ook niet gedetacheerd worden.

    Wel kan een opleideling vervroegd naar een andere opleider overstappen. Dit houdt in dat de opleideling op het moment van wisselen een doorstromer wordt en dus in één kalenderjaar zowel instromer als doorstromer is geweest. Dit moet wel altijd goedgekeurd worden door de betreffende registratiecommissie.

    Doorstroom
    Bij doorstroomplaatsen kan een opleideling wel wisselen van opleider. Ook kan een opleideling tijdens het doorstroomjaar gedetacheerd worden. In dat geval wordt de bijdrage toegekend aan de opleider die bij de registratiecommissie geregistreerd staat.

    Sluiten
  • Hoe werkt de uitbetaling van de beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen?

    Zorginstituut Nederland (het Zorginstituut) verzorgt de betaling van de beschikbaarheidbijdrage. Het Zorginstituut is beheerder van het Zorgverzekeringsfonds (Zvf) en het Fonds langdurige zorg (Flz). De beschikbaarheidbijdrage voor de (medische) vervolgopleidingen komt uit deze fondsen.

    U kunt ervoor kiezen om de beschikbaarheidbijdrage door middel van voorschotten te ontvangen. De bijdrage wordt dan in tien termijnen, van januari t/m oktober overgemaakt. In totaal is dit voorschot 85% van uw beschikking. Het resterende bedrag wordt later overgemaakt. Mocht u toch minder opgeleid hebben, dan moet u een bedrag terugbetalen. Deze informatie vindt u ook in de beschikking die u ontvangt.

    Voor de betaling van de voorschotten van de beschikbaarheidbijdrage, kunt u een aanvraag indienen bij het Zorginstituut. Voor meer informatie, zie de website van het Zorginstituut.

    De NZa adviseert om , zodra u de beschikking van de NZa ontvangt, direct een aanvraag voor betaling van de voorschotten bij het Zorginstituut in te dienen.

    Sluiten
  • Kunt u voor een boventallige opleideling een jaar later alsnog een instroombijdrage aanvragen?

    Dat kan. Natuurlijk moet u een jaar later dan wel recht hebben op een nieuwe instroomplaats. U moet er voorafgaand aan het jaar dat u de bijdrage wilt ontvangen, dus wel voor zorgen dat u alles geregeld heeft zoals u ook zou doen bij een nieuwe instromer (dus opgenomen zijn in het verdeelplan, zie ook de vraag 'Waar moet ik als zorgaanbieder aan voldoen voordat ik een aanvraag kan indienen bij de NZa?'). Ook moet u er gedurende het jaar voor zorgen dat dit bij de registratiecommissie juist geregistreerd staat.

    Een boventallige opleideling is iemand die is ingestroomd zonder dat daarvoor subsidie ontvangen wordt. Boventallige opleidelingen zijn dus gestart voor eigen rekening, voor rekening van de opleidende zorgaanbieder, of voor rekening van derden.

    Sluiten
  • Hoe moet ik het aantal FTE berekenen?

    Het aantal fte dat u invult, berekent u op basis van de volgende formule:
    'Aantal uren opleiding volgens de personeels- of salarisadministratie van de zorgaanbieder' gedeeld door 'uren reguliere werkweek overeenkomstig de van toepassing zijnde collectieve arbeidsovereenkomst of sectorale rechtspositieregeling'.

    Hiervoor wordt gekeken naar de arbeidsovereenkomst of sectorale rechtspositieregeling die geldt voor de zorgaanbieder waar de opleideling formeel in dienst is. Ook wordt gekeken naar het aantal maanden dat de opleideling in dienst is.

    Per persoon mag nooit meer dan 1 fte ingevuld worden. Bovendien ontvangt u geen bijdrage als u voor meer fte's opleidt dan het opleidingsinstituut als maximum aangeeft.

    Een rekenvoorbeeld:
    Jantine zal in 2018 starten als klinisch psycholoog in opleiding. Ze zal voor 32 uur in dienst komen, maar wordt voor 27 uur opgeleid. De resterende uren zal ze overige werkzaamheden uitvoeren. De opleiding start op 1 september 2018. Uit de geldende cao blijkt dat ze voor een full time plaats een contract van 36 uur zou moeten hebben. Het aantal fte dat voor haar ingevuld mag worden is dan:
    27 / 36 x 0.3333 = 0.25 fte.

    Dit is slechts een voorbeeld om de rekenmethode te verduidelijken. U bent er zelf verantwoordelijk voor om het juiste aantal uren en maanden voor een full time plaats te bepalen.

    Sluiten
  • Moeten veranderingen gedurende het jaar aan de NZa doorgegeven worden?

    Veranderingen in het aantal opleidelingen hoeven gedurende het jaar niet aan de NZa doorgegeven te worden. Na afloop van het subsidiejaar moet u namelijk aan ons doorgeven hoeveel personen en aantal fte u daadwerkelijk opgeleid heeft, dit noemen we de 'vaststelling'. Op dat moment kunt u dus een ander aantal invullen dan u vooraf had aangegeven. Op die manier worden veranderingen in opleidelingen bij ons doorgegeven.

    Wat u wel aan ons door moet geven, zijn andere zaken die voor de bijdrage van belang kunnen zijn. Dat zijn in ieder geval: fusies, overnames of faillissementen. Daarnaast is het ook belangrijk dat u het ons meldt als uw opleidingserkenning is ingetrokken.

    Sluiten