Print

NZa zet belang patiënt voorop bij uitwerking uitspraak rechter

02-03-2016

Huisartsen kunnen vanaf 1 april een aantal vormen van zorg declareren, die zij tot nu alleen in rekening konden brengen als zij daarover een contract hadden afgesloten met een zorgverzekeraar. Het gaat dan om circa dertig verrichtingen, zoals het maken van een hartfilmpje en kleine chirurgische ingrepen. Dat staat in de nieuwe beleidsregel voor de huisartsenzorg van de Nederlandse Zorgautoriteit.

Hiermee vervalt de voorwaarde dat huisartsen bepaalde zorg alleen mogen declareren als daarover een afspraak bestaat tussen huisarts en zorgverzekeraar (het contractvereiste). De NZa geeft met de nieuwe beleidsregel gehoor aan een uitspraak van de rechter. Die bepaalde in december vorig jaar dat huisartsen ook zonder contract de zorghandelingen die zij noodzakelijk achten in rekening moeten kunnen brengen. Bij de uitwerking van de uitspraak van de rechter is de NZa steeds uitgegaan van het belang van de patiënt. Organisaties van huisartsen, aanbieders van multidisciplinaire zorg, zorgverzekeraars en patiënten  zijn betrokken bij de besluitvorming.

Belang patiënt
Voor patiënten betekent dit dat hun huisarts hen voor deze verrichtingen niet naar een ziekenhuis hoeft door te verwijzen, als de huisarts geen contract heeft met hun zorgverzekeraar. De huisarts kan deze zorg nu ook zonder contract declareren.
De  NZa neemt in haar regels een aantal aanvullende bepalingen op voor specifieke verrichtingen, nu deze ook zonder contract in rekening kunnen worden gebracht. Deze bepalingen sluiten aan bij de normen die zorgaanbieders zelf hebben opgesteld. Zo kunnen patiënten erop rekenen dat de kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg geborgd is.

Voor een aantal prestaties blijft het contractvereiste voorlopig wel in stand. Het gaat dan bijvoorbeeld om vergoedingen voor de goede samenwerking tussen zorgaanbieders die samen zorg verlenen aan chronische patiënten.
Deze keuze heeft de NZa gebaseerd op advies van verzekeraars, patiëntenorganisaties en organisaties voor chronische zorg. Binnen de termijn die de rechter heeft opgelegd kan de NZa geen alternatieve regels formuleren waarmee we de betaalbaarheid en de kwaliteit van deze zorg kunnen garanderen. 
"Maatwerk blijft hier vooralsnog de norm. Huisartsen en verzekeraars moeten gericht afspraken maken die aansluiten bij de regionale situatie", zegt Josefien Kursten, directeur Regulering van de NZa. "In de komende periode bezien wij of we de bekostiging zo kunnen aanpassen dat deze een alternatief kan bieden voor dit maatwerk. Hiervoor is echter verder onderzoek nodig." De huisarts kan overigens ook zonder contract met de zorgverzekeraar zijn aandeel in het multidisciplinaire zorgtraject declareren.

Terugwerkende kracht
De nieuwe regels gaan in op 1 april 2016, en werken terug tot 1 januari 2015. Huisartsen die in 2015 geen contract hadden, kunnen daardoor alsnog bepaalde declaraties over 2015 indienen.

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beschermt de belangen van de samenleving als het gaat om betaalbare, toegankelijke en goede gezondheidszorg.

Zie verder