Opnieuw iets meer ruimte voor ziekenhuiszorg, maar ziekteverzuim in de hele zorg stijgt

De Nederlandse ziekenhuizen geven aan dat ze hun operatiecapaciteit nog iets verder hebben opgeschaald. De capaciteit is echter nog niet op het niveau van voor de coronapandemie. Deze week (peilmoment maandag 7 februari) zijn 14 procent minder operatiekamers in gebruik dan normaal. Vorige week (peilmoment maandag 31 januari) was dat 15 procent. Dat blijkt uit de Informatiekaart Druk op de zorg die de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) wekelijks publiceert.

Daarnaast stijgt het aantal ziekenhuizen dat aangeeft alle kritieke planbare zorg binnen zes weken te kunnen leveren licht. Maandag 31 januari gaven nog 63 van de 73 ziekenhuizen dat aan. Deze week stijgt dat naar 66.

Meer planbare zorg

Ook geven opnieuw meer ziekenhuizen aan volledig planbare zorg te leveren. Deze week zijn dat er 17. Vorige week gaven nog 14 ziekenhuizen aan deze zorg weer volledig te leveren. Net als vorige week geeft 1 ziekenhuis aan helemaal geen planbare zorg te leveren. De overige ziekenhuizen geven aan deels planbare zorg te leveren. Bij het opschalen van de planbare zorg moeten ziekenhuizen er rekening mee houden dat de vervolgzorg, zoals de huisartsenzorg en de thuiszorg, hierdoor niet extra wordt belast.

Ervaren druk en ziekteverzuim

De ervaren druk op de IC neemt opnieuw iets af, van 2,6 naar 2,5. Op de verpleegafdeling blijft deze 2,6. Dit is gemeten op een schaal van 5, waarbij 2 staat voor zorgelijk en 3 voor ernstig. Wel zien we dat het ziekteverzuim in de hele zorgketen toeneemt. Op de IC en op de verpleegafdeling is het ziekteverzuim respectievelijk 10,3 en 10 procent. Dit is een sterke toename ten opzichte van een week geleden, toen het ziekteverzuim respectievelijk 9,7 en 9 procent was. Ook in de rest van de keten, bijvoorbeeld bij de huisartsen en in de thuiszorg, is een hoog ziekteverzuim. Dit is de grootste uitdaging voor de zorg op het moment.

Voorbereidingen grote zorgdruk

Daarnaast hebben de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de NZa in kaart gebracht welke voorbereidingen de ROAZ-regio’s de afgelopen weken hebben getroffen om de toenemende zorgdruk als gevolg van de omikronvariant, met name in de huisartsenzorg, wijkverpleging en verpleeghuiszorg, te kunnen opvangen. Dat heeft geleid tot een beperkt aantal verbeterpunten die aan de regio’s zijn teruggekoppeld en twee aanbevelingen op landelijk niveau.

Eén aanbeveling gaat over het verduidelijken wie welke rol speelt bij het informeren van het grote publiek als de druk op de zorg dermate ernstig wordt dat ingrijpende keuzes gemaakt moeten worden. Het gaat dan over welke zorg nog wel en niet meer geleverd kan worden (LNAZ fase 3). De andere aanbeveling betreft het concretiseren van de afspraken over de inzet van personeel van zelfstandige klinieken en het Rode Kruis als de druk in bepaalde zorgsectoren te hoog wordt.