Reguliere zorg schaalt verder op, wel grote regionale verschillen in wachttijden

Er zijn in januari 2021 meer patiëntcontacten geweest in ziekenhuizen dan in dezelfde maand in 2019 en 2020. Er wordt relatief iets meer urgentere zorg geleverd en meer zorg in academische instellingen. Ook het aantal operaties ligt weer op een normaal niveau, waarbij er wel een verschuiving lijkt te zijn naar relatief lichte ingrepen met minder opnames. Er zijn ook verschillen tussen specialismen: operaties bij orthopedie en keel-, neus en oorheelkunde blijven bijvoorbeeld achter.

©SSK

Dat blijkt uit onze analyse van de productiecijfers tot en met januari van Dutch Hospital Data. Het aantal verpleegdagen is na de stijging van begin december, vanaf de feestdagen weer duidelijk lager dan normaal bij de meeste specialismen. Daarnaast hebben we de beschikking over actuele cijfers die ziekenhuizen bijhouden in ons Zorgbeeldportaal. Daaruit blijkt dat de capaciteit om zorg te leveren ook gedurende de maand februari wekelijks toeneemt. Volgende maand kunnen we zien wat dat betekent voor de productiecijfers in februari.

Verwijzingen

Het aantal verwijzingen blijft wel achter bij wat we zouden verwachten. Afgelopen week lag dat op 79% van de verwachte aantallen. Mogelijk speelde het winterweer daarin ook een rol. We zien daarbij grote verschillen tussen specialismen. Relatief blijft het aantal verwijzingen het meest achter naar kindergeneeskunde, oogheelkunde, orthopedie en KNO-heelkunde. Het aantal verwijzingen naar de geestelijke gezondheidszorg ligt al langer op het niveau dat we zouden verwachten zonder corona-uitbraak.

Wachttijden

Het aantal wachttijden voor ziekenhuiszorg dat de treeknorm overschrijdt is tussen december en januari licht gedaald. Opvallend is wel dat er grote verschillen zijn tussen de regio’s voor de behandelwachttijden. In de Euregio (Twente en het Oostelijke deel van de Achterhoek) zijn voor 7 specialismen de wachttijden voor behandelingen met minstens drie weken gestegen ten opzichte van het gemiddelde van november en oktober. In Spoedzorg AMC (regio Amsterdam en provincie Flevoland) en Noord-Holland zien we bij het overgrote deel van de behandelingen juist een afname in de wachttijd. De wachttijd voor de heupvervanging en knieoperaties lijkt ook in de meeste regio’s gedaald.

Oncologie

In januari is net als in de periode daarvoor veel oncologische zorg doorgegaan. Ook in de laatste drie maanden van 2020 lijkt het aantal patiënten in de oncologie ongeveer op of boven het niveau van 2019 te zijn geweest. In het aantal doorverwijzingen vanuit de huisarts was na de zomer een daling te zien tot de herfstvakantie. In de weken na de herfstvakantie steeg het aantal weer maar de laatste maanden stagneert het onder het verwachte niveau. Vorige week lag dat aantal op 76% van het verwachte niveau.

De gemiste diagnoses tijdens de eerste coronagolf werden deels in september en in mindere mate in oktober, november en december ingehaald. In januari 2021 zijn er volgens cijfers van IKNL ongeveer net zoveel kankerdiagnoses gesteld als in dezelfde maand in 2017, 2018 en 2019. Een dip in het aantal diagnoses als gevolg van de tweede golf is waarschijnlijk voorkomen doordat mensen met klachten op tijd contact hebben opgenomen met de huisarts en vervolgens de noodzakelijke diagnostiek heeft plaatsgevonden en doordat de bevolkingsonderzoeken naar kanker door konden gaan tijdens de tweede golf.

Wijkverpleging

Na de eerste golf van coronabesmettingen hebben we in de vorige rapportage over de gevolgen van de corona-uitbraak voor de wijkverpleging gezien dat de wijkverpleegkundige zorg in de zomermaanden weer werd opgeschaald, maar dat de zorg nog niet helemaal op het niveau van 2019 was. Dit blijft doorlopen tot in 2021.

We zien op basis van vier grote aanbieders van wijkverpleging dat de hoeveelheid geleverde zorg in deze maanden gemiddeld 6% lager ligt dan in 2019. Deze gegevens zijn indicatief en niet representatief voor de hele sector. De toename in het aantal coronabesmettingen in het najaar lijkt niet voor een verdere daling te hebben gezorgd van de hoeveelheid geleverde wijkverpleging. Vanaf begin oktober is er wel een lichte daling in het aantal unieke cliënten in zorg, maar dit aantal zit nog steeds dicht op het niveau van 2019.