Zorgprofessionals en NZa zetten zich in voor samenwerking in palliatieve zorg

Zorgaanbieders in de palliatieve zorg willen de zorg voor mensen in de kwetsbare laatste levensfase verbeteren. Ze zetten in op het gesprek met de patiënt en op samenwerking tussen verschillende zorgprofessionals en organisaties. Ze zien graag dat de bekostiging hierop aansluit. Dat blijkt uit de rondetafels die de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) hield met meer dan 75 zorgaanbieders in de palliatieve zorg. 

Iedereen is het eens hoe palliatieve zorg eruit zou moeten zien: de patiënt en zorgprofessional bespreken samen de zorg die geboden gaat worden. De zorgvraag staat centraal. Zorgaanbieders richten zich nu vooral op samen beslissen/proactieve zorgplanning en samenwerken. Wij ondersteunen deze stappen. In de rondetafels hebben we besproken hoe de bekostiging kan helpen om een brug te slaan tussen het kwaliteitskader palliatieve zorg en de huidige praktijk.

Het is heel  belangrijk dat het gesprek met de patiënt, waarin zowel medische als sociale, spirituele en culturele aspecten aan de orde komen, bekostigd kan worden. Hiervoor zijn in alle zorgsectoren veel mogelijkheden. Dit geldt ook voor de bekostiging van de samenwerking tussen professionals, maar deze mogelijkheden zijn erg versnipperd. Deelnemers aan de rondetafels denken dat de bekostiging samenwerking meer kan stimuleren dan nu het geval is. Ze denken daarbij aan verschillende manieren om dit technisch vorm te geven: bekostigen van casemanagement, bekostigen van transmurale samenwerking en patiëntvolgende bekostiging.

Casemanagement

Voor het bekostigen van casemanagement blijkt al veel mogelijk te zijn. We brengen een informatiekaart uit waarin we die mogelijkheden uitleggen. We roepen zorgaanbieders en zorgverzekeraars die in het bekostigen van casemanagement een stimulans voor vernieuwing in de palliatieve zorg zien, dan ook op hiermee aan de slag te gaan.

Samenwerking over de schotten

We concluderen dat er vanuit de huidige monodisciplinaire bekostiging al mogelijkheden zijn om regionaal te werken aan het verbeteren van de palliatieve zorg door samen te werken in teams van verschillende aanbieders. Dat is niet eenvoudig omdat voor de verschillende zorgsectoren (zoals huisartsenzorg, ziekenhuiszorg en wijkverpleegkundige zorg) verschillende bekostigingsregels gelden. Het vraagt dan ook de nodige kennis van wet- en regelgeving en tijd en energie om te komen tot praktisch werkbare afspraken van aanbieders met zorgverzekeraars.  Om hier inzicht in te geven brengen we  een informatiekaart met de bestaande mogelijkheden uit.

Patiëntvolgende bekostiging

Het is voorlopig niet mogelijk om een patiëntvolgende bekostiging in de palliatieve zorg technisch vorm te geven, omdat er nog veel onduidelijkheden zijn. De komende jaren staan leren en experimenteren rondom organisatie en bekostiging centraal. De NZa draagt hieraan bij door met zorgvernieuwers in gesprek te zijn over bestaande en/of experimentele mogelijkheden voor innovatief bekostigen. Tenslotte moeten er ook meer cijfers beschikbaar komen over omvang, kosten en kwaliteit van palliatieve zorg. In samenwerking met partijen als PZNL (Palliatieve Zorg Nederland) en RIVM gaan we aan de slag om hier meer zicht op te krijgen richting 2020. Voor alle opties die de zorgaanbieders aandroegen tijdens de rondetafels geldt: Waar de huidige mogelijkheden tekortschieten, kunnen zorgaanbieders een beroep te doen op de beleidsregel ‘Innovatie voor kleinschalige experimenten’.