Meewerken aan kostenonderzoek noodzakelijk en verplicht
De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) legt twee huisartsen die weigerden mee te werken aan het kostenonderzoek uit 2009 een bestuurlijke boete op. De huisartsen overtraden met hun weigering artikel 61 van de Wmg, waarin staat dat zorgaanbieders verplicht zijn informatie te geven om tarieven en prestaties te kunnen vaststellen.
Het is in het belang van de beroepsgroep zelf om mee te werken aan kostenonderzoeken: met een representatief aantal reacties kunnen tarieven en prestaties worden vastgesteld die overeenkomen met de realiteit.
Over het algemeen hebben de huisartsen goed meegewerkt aan het kostenonderzoek. In totaal hebben 407 huisartsen de vragenlijsten volledig en tijdig in kunnen vullen. De twee huisartsen die weigerden, hebben niet binnen de termijn van bijna 3 maanden gereageerd op het verzoek. Ook hebben zij binnen die termijn niet aangegeven dàt zij om bepaalde redenen niet konden reageren.
Tijdens het onderzoek zijn zo'n 60 huisartsenpraktijken vrijgesteld van deelname aan het onderzoek. Deze vrijstelling werd verleend aan huisartsen die een nieuwe praktijk zijn gestart gedurende of na het onderzoeksjaar, die te maken hadden met de overgang van Elias naar een nieuw His-systeem en aan huisartsen die langdurig ziek waren of gestopt waren met hun solopraktijk in het onderzoeksjaar.
Het kostenonderzoek is uitgevoerd in opdracht van de minister van VWS om te komen tot tarieven die aansluiten bij de door de huisarts geleverde prestaties. Het kostenonderzoek wees uit dat de huisartsentarieven te hoog waren. Voor meer informatie over de resultaten, lees het eerdere nieuwsbericht "Resultaten kostenonderzoek huisartsen NZa".