De Beleidsregel Garantieregeling kapitaallasten 2011 t/m 2016 (CU-2001) bevat (voor de algemene en academische ziekenhuizen) de definities en gedetailleerde beschrijving van de werking van de garantieregeling. De garantieregeling kapitaallasten garandeert een bepaald (aflopend) percentage van de kapitaallasten zoals deze onder vergunning en/of trekkingsrechten zouden zijn. In 2011 geldt nog steeds het budgetteringssysteem waarmee er sprake blijft van een 100%-vergoeding van de kapitaallasten.
Van de gerealiseerde DOT-opbrengsten, voor zover oud A-segment, wordt 8% verondersteld ter dekking te zijn van kapitaallasten (voor radiotherapie geldt 16,7%). Deze aldus berekende kapitaallastenvergoeding wordt vergeleken met de kapitaallastenvergoeding zoals die onder het oude regime geweest zou zijn. In 2012 zou met een garantiepercentage van 90% van de oude kapitaallasten gerekend worden. Aangezien het verrekenpercentage van het transitiemodel in 2012 95% bedraagt, zal in 2012 geen enkel ziekenhuis in aanmerking komen voor suppletie.
SluitenHet wijzigen van de bekostiging van ziekenhuiszorg is een omvangrijke en ingrijpende operatie. De vergoeding voor de kapitaallasten van de WTZi-gefinancierde vaste activa (immateriële, materiële en financiële vaste activa) wordt in de nieuwe situatie niet langer gebaseerd op een risicoloos systeem van nacalculatie van de werkelijke lasten.
De overheid heeft daarom voorzien in een uitgebreide overgangsregeling. Onderdeel hiervan is de garantieregeling kapitaallasten. In de periode 2011-2016 worden de kapitaallasten in het budget met aflopende percentages gegarandeerd en moeten ziekenhuizen in staat worden geacht de benodigde aanpassing door te kunnen voeren om voldoende voorbereid te zijn op het nieuwe bekostigingsregime.
Sluiten